De
Maya’s stelden zich de aarde voor als een grote schildpad. Ook veel andere
indiaanse volken zien de aarde zo. Ze hebben het over ‘Turtle Island’,
het schildpad-eiland Noord Amerika (zie bladzijde 18 van baribal 14). In China
gebruikten de mensen het schild van het dier om voorspellingen te doen. Ook de
Aboriginals uit Australië vertellen verhalen over de schilpad, die uit het
leven-brengende-water kroop, toen de zonnegodin het ijs dat de aarde bedekte
liet smelten.
Er zijn wel 230 verschillende soorten schildpadden. Sommigen leven in zee,
anderen op het land of in moerassen. Ze hebben een kort, breed lichaam, dat beschermd
wordt door een pantser. Dit bestaat uit inwendige benige platen, die aan de buitenkant
zijn bedekt met stevige hoornschilden.
Omdat er zoveel soorten zijn, vertellen we je alleen iets meer over de soepschildpad.
Dit reptiel heeft longen en moet daarom boven water ademhalen. Volwassen dieren
kunnen wel 5 uur hun adem inhouden.
Soepschildpadden leggen, om de twee tot drie jaar, enorme afstanden af om hun
eieren te leggen op het strand waar ze zelf geboren zijn. Daar paren ze en leggen
nesten met maar liefst 100 eieren. Met haar voorpoten graaft de moederschildpad
voor haar eieren een kuil van 40 cm. Nadat ze de eieren met zand heeft bedekt
vertrekt ze. Na twee tot drie maanden kruipen de schildpadjes uit het ei en rennen
zo snel mogelijk naar de ‘veiligere’ zee.
De rest van hun leven brengen ze voornamelijk in zee door. Ze komen alleen aan
land om te zonnen, te paren en eieren te leggen. |