baribal infocentrum

 
 
 
 
 

Het voorbijtrekken van de bizon

Een Kiowa verhaal

Nog niet zo heel lang geleden zag je, waar je ook keek, bizons. Als er mensen waren, waren de bizons niet ver weg. Ze hielden van de mensen en de mensen hielden van de bizons. Als de mensen een bizon doodde, deden ze dat met een goede reden en met respect. Ze bedankten de geest van de bizon en ze gebruikten alles wat de bizon hen gegeven had. Het vlees was hun voedsel. De huid werd gebruikt voor kleding en om tipi’s te maken. Het haar vulde de kussens en zadels. De pezen werden gebruikt voor de bogen. Van de hoeven werd lijm gemaakt. In de magen en blazen werd water bewaard. Om de bizon te eren werd de schedel beschilderd en naar de zonopkomst geplaatst.

Toen kwamen de blanken. Dit waren nieuwe mensen, net zo mooi en net zo gevaarlijk als de zwarte spin. De blanken namen alles over. De spoorrails die ze bouwden sneed het land doormidden. Het leven werd erg moeilijk voor de mensen en ook de bizons vochten tegen de spoorrails. Ze trokken de rails met hun horens uit de grond. Ze joegen het vee van de blanken weg. De bizons hielden van de mensen en probeerden hun manier van leven te beschermen. Dit was erg lastig voor de blanken, dus werd het leger gestuurd om bizons te doodden. Maar zelfs de soldaten konden de bizons niet stoppen. Het leger huurde jagers in. De jagers kwamen en schoten en schoten. Al snel was het land bedekt met de beenderen van bizons. Ze zagen dat ze de strijd niet langer konden volhouden.

Vroeg in de morgen werd een Kiowa vrouw, die met haar familie op de vlucht was voor het leger, wakker in het kamp diep in de bergen. Ze liep naar het riviertje, dat langs de bergrug naar beneden stroomde, om water te halen. Ze liep snel en zachtjes. De ochtendmist was dik, maar terwijl ze bukte om haar emmer te vullen zag ze iets bewegen. Uit de mist liep een oud bizon vrouwtje richting de bergrug. Het was één van de vrouwtjes die de kudde altijd leidde. Achter haar liepen een aantal jonge bizon strijders, hun horens bekrast van het vechten en sommige waren gewond. Bij hen waren ook een aantal kalfjes en jonge vrouwtjes. Het waren de laatst overgeblevenen van een grote kudde.
Terwijl de Kiowa vrouw toekeek, ging de bergwand open. De bizons liepen door de opening de berg in. In de berg was de aarde prachtig groen en nieuw. De zon scheen en de weidevogels floten hun lied. Het was er als in de tijd voordat de blanken kwamen.
Toen sloot de berg en de bizons waren verdwenen.

 
Wereldmuseum Rotterdam
Umista
Stichting AAP
         
     
wil je lid worden? klik dan hier
 
   

©1999-2008 Copyright Walas Media bv – Alle rechten voorbehouden – E-mail: berichten@baribal.nl
Hoofdredactie: Irma Verhoeven – Indiaans beschermheer: Joe Wilson – Medewerkers: Aurora, U’mista, Wa Kes, Gerben van Straaten, Ellen van den Beld, Andra Limmen, Henk de Roos, Joe Wilson, www.5over5.nl – Marketing: walas media – sitebouw door webconcepts